Box 3
Belasting besparen
Maartje Ronda
Belasting besparen
02/26/2026
6 min

Het nieuwe box 3 stelsel: wat betekent dit voor jou?

02/26/2026
6 min

Box 3: een gebed zonder end 

De kans is groot dat dit nieuws je niet ontgaan is: waarschijnlijk wordt vanaf 2028 het nieuwe box 3 stelsel ingevoerd. Waarschijnlijk, want op 12 februari 2026 stemde de Tweede Kamer in met de Wet werkelijk rendement box 3. De Eerste Kamer moet nog akkoord gaan, maar de verwachting is dat dit doorgaat, hoewel onlangs bekend werd dat de staatssecretaris teruggaat naar de tekentafel.

Reden genoeg om jou mee te nemen in wat er precies verandert, wat het voor jou betekent en, misschien wel het belangrijkst, wat je kunt doen.

Waarom verandert box 3 eigenlijk?

Laten we even teruggaan naar het begin. In 2021 deed de Hoge Raad een uitspraak die de belastingwereld op z’n kop zette: het kerstarrest. Wat betekende dit? Onder het huidige stelsel rekent de Belastingdienst met een fictief rendement; een bedrag dat je ‘zou moeten’ verdienen op je spaargeld en beleggingen. Maar veel mensen halen dat rendement helemaal niet. Zeker spaarders niet, met de lage rentes van de afgelopen jaren.

De rechter vond dat onterecht. En dus moest er een nieuw systeem komen. Eentje gebaseerd op wat je echt verdient op je vermogen. Als overbrugging naar dit nieuwe systeem is het formulier Opgaaf Werkelijk rendement ontwikkeld. Heb je te veel box 3 belasting betaald over voorgaande jaren, dan heb je recht op een terugbetaling.

De jaren 2018 en 2022 waren voor de meesten slechte beleggingsjaren, dus het kan de moeite waard zijn om voor die jaren het werkelijk rendement door te geven.

Een nieuw systeem op basis van werkelijk rendement. Klinkt op zich logisch en eerlijk toch? Ja, maar ook aan het nieuwe systeem zitten haken en ogen. Lees vooral even mee.

Hoe werkt het nieuwe systeem?

Het nieuwe systeem bevat twee varianten, afhankelijk van wat je bezit:

Vermogensaanwasbelasting (VAB) 
Voor spaargeld, aandelen, obligaties, crypto en edelmetalen. Je betaalt jaarlijks belasting over je rendement, inclusief ongerealiseerde waardestijging. Dus ook over koerswinst die je nog niet hebt verzilverd.

Vermogenswinstbelasting (VWB)
Voor vastgoed en aandelen in startups of scale-ups. Hier betaal je pas belasting op het moment dat je daadwerkelijk verkoopt. Wel wordt het werkelijke netto rendement belast, dus huurinkomsten – kosten voor onderhoud en financiering etc.

Het belastingtarief in box 3 blijft naar verwachting 36%.

De vrijstelling verandert wel: niet langer de eerste €59.357 per persoon aan vermogen is vrijgesteld, maar de eerste €1.800 aan rendement per persoon.

Let op: dit zijn nog geen definitief vastgestelde getallen. De wet ligt nu bij de Eerste Kamer.

Golf van kritiek

Het nieuwe box 3-stelsel heeft een enorme golf aan kritiek veroorzaakt, vooral omdat er belasting geheven wordt over ongerealiseerde winsten, dus over rendement dat alleen op papier bestaat. De discussie bleef niet beperkt tot Nederland: er verscheen zelfs een hoofdredactioneel commentaar in de Washington Post en ook Elon Musk uitte stevige kritiek op X, zo meldde het FD. Door deze ophef gaat staatssecretaris Heine opnieuw naar de tekentafel; er wordt onder meer gesproken over ruimere verliesverrekening, mogelijk ook één jaar terug in plaats van alleen vooruit, maar wat er precies verandert is nog onduidelijk. Daarmee blijft box 3 voorlopig wat het al jaren is: een dossier vol onzekerheid en voortdurende aanpassingen.

Wat verandert er concreet voor jou?

Hieronder heb ik een aantal voorbeeld uitgewerkt om concreet te maken wat er verandert met de invoering van het nieuwe stelsel.

Je belegt in aandelen via een privébeleggingsrekening

Heb je privé beleggingen in aandelen, dan betaal je meer belasting in jaren met een goed rendement. Stel dat je samen met je partner €250.000 belegt in indexfondsen. In dit voorbeeld is er geen ander vermogen. Het is een goed beursjaar, je rendement is 9%.

Huidig stelsel (2026):

  • Vermogensvrijstelling: € 118.714
  • Belastingbaar vermogen: € 250.000 - € 118.714 = € 131.286
  • Forfaitair rendement: 6% × € 131.286 = € 7.877
  • Te betalen belasting: 36% x € 7.877= € 2.835

Nieuw stelsel vanaf 2028 (goed jaar, 9% rendement):

  • Werkelijk rendement: 9% × €250.000 = €22.500
  • Heffingsvrij rendement: €3.600 (twee personen)
  • Belastbaar: €18.900
  • Te betalen belasting: 36% × €18.900 = €6.804 per jaar

Dat is bijna € 4.000 méér belasting dan nu. Zonder dat je één aandeel hebt verkocht.

En in een matig jaar met 3% rendement? Dan betaal je circa € 1.400, dus minder dan nu. Maar per saldo ligt het rendement op beleggen op lange termijn hoger dan het fictieve rendement waar nu mee gerekend wordt. Dus per saldo gaat de belastingdruk omhoog.

Je verhuurt vastgoed in box 3

Hier veranderen de spelregels flink. Huurinkomsten worden belast op basis van wat je werkelijk ontvangt, minus aftrekbare kosten. De waardestijging van het pand zelf valt onder de vermogenswinstbelasting: die betaal je pas bij verkoop.

Huidig stelsel

Op dit moment kunnen je huurinkomsten onbelast zijn als je naast je vastgoed ook schulden hebt om dit vastgoed te financieren en opgeteld onder het heffingsvrij vermogen blijft. Dit geldt lang niet voor alle vastgoedbeleggers. Zit je boven het heffingsvrij vermogen, dan telt de WOZ-waarde mee als ‘overig bezit’ in box 3 en wordt dit tegen 6% fictief rendement belast (% worden jaarlijks vastgesteld). De schulden mogen tegen een fictieve rente worden afgetrokken (deze rente ligt vaak lager dan de marktrente).

Nieuw stelsel

Vanaf 2028 zal je dus 36% moeten gaan betalen over je netto huurinkomsten (bepaalde kosten aftrekbaar).

Betaal je dan geen belasting als je niet verhuurd? Helaas…

Er komt een vastgoedbijtelling voor situaties bij geen of gedeeltelijke verhuur:

  1. > 90% van het jaar verhuurd: de huurinkomsten zijn belast en de jaarlijkse onderhouds- en financieringskosten aftrekbaar
  2. Het hele jaar niet wordt verhuurd: het directe rendement wordt berekend via een vastgoedbijtelling (3,35% over de WOZ-waarde)
  3. Bij gemengd gebruik: er wordt gekeken naar de hoogte van de huurinkomsten en naar de hoogte van de vastgoedbijtelling. Het hoogste bedrag wordt belast

Een voorbeeld:

Stel: je hebt een appartement in box 3, aankoopprijs € 300.000, netto huurinkomsten €12.000 per jaar. Je verkoopt het pand in 2034 voor € 410.000. Dan betaal je

  • jaarlijks 36% over de (€ 12.000 huurinkomsten - € 3.600 heffingsvrij rendement) = € 3.024 per jaar
  • bij verkoop 36% over de €  110.000 waardestijging = €39.600.

En de grote vermogens dan? 

Die merken er nauwelijks iets van

Dit deel is eerlijk gezegd tenenkrommend. Want al jaren wordt er geroepen dat de rijken te weinig belasting betalen. En dan komt er een grote hervorming in box 3… die dus alleen box 3 raakt.

Terwijl de rijkste Nederlanders hun vermogen ûberhaupt niet in box 3 hebben zitten. Ze werken via een BV of holdingstructuur. Die valt in box 2 en wordt door deze wet helemaal niet geraakt.

De middenklasse, die netjes vermogen heeft opgebouwd in box 3 voor z’n oude dag, wordt wél de dupe.

BV of privé beleggen? De balans verschuift

Kun je dan beter een BV oprichten en daar je vermogen in onderbrengen? Dit is een vraag die ik de afgelopen maanden steeds vaker krijg van ondernemers. En het antwoord is genuanceerder dan een simpel ja of nee.

Zit je geld al in de BV? Laat het dan ook in de BV.

Bij beleggingen in aandelen in de BV betaal je vennootschapsbelasting (19% over de eerste €200.000 winst) en pas box 2-belasting als je geld naar privé uitkeert. Maar zolang je de winst in de BV laat staan en herbelegt, profiteer je van belastinguitstel. Over dertig jaar maakt dat een enorm verschil.

Staat je vermogen nu in privé? Dan wordt de BV aantrekkelijker, maar niet voor iedereen.

Staat je vermogen nu privé, dan is een BV niet automatisch aantrekkelijker: in box 3 betaal je 36% belasting, terwijl je via een BV eerst 19% vennootschapsbelasting betaalt en daarna 24,5% box 2 als je het geld naar privé haalt, samen circa 38,8%. Dat is dus hoger dan de belasting in box 3. Bovendien kost een BV geld en brengt het extra administratie met zich mee. Het wordt pas interessant als je het vermogen en het rendement langere tijd niet privé nodig hebt en het kunt laten doorrenderen binnen de BV, zodat het belastinguitstel zijn werk kan doen. De keuze hangt dus vooral af van de omvang van je vermogen én van je persoonlijke inkomensbehoefte.

Pensioenbeleggen steeds aantrekkelijker

En dan is er nog één optie die ik veel te weinig ondernemers zie benutten: pensioenbeleggen. Je bouwt vermogen op in box 1, niet in box 3. Je trekt de premies af van je belastbare winst én je laat het vermogen belastingvrij groeien. De nieuwe box 3-wetgeving maakt dit alleen maar aantrekkelijker. Pensioenbeleggen heeft niet alleen maar voordelen, maar het is zeker een optie om te overwegen.

Wat je nu al kunt doen

Het is lastig plannen maken op wetgeving die constant veranderd.

Maar wat je in ieder geval kunt doen:

  • Breng in kaart waar je vermogen nu staat: box 1, box 2 of box 3.
  • Bekijk of beleggen via je BV of holding interessanter wordt voor jouw situatie.
  • Kijk serieus naar pensioenbeleggen als je dat nog niet hebt gedaan.
  • Reken je timing rondom vastgoed verkopen door, want dat wordt fiscaal relevanter dan ooit.

Tot slot

Box 3 is al jarenlang een bron van frustratie, onzekerheid en oneerlijkheid. Het nieuwe stelsel lost een deel van die problemen op maar introduceert ook weer nieuwe.

Wil je weten wat de nieuwe box 3-regels betekenen voor jóúw situatie? Plan een gratis kennismakingsgesprek.